Categorie: Actualiteit

Bij een veerdienst gaat het om ‘betrouwbaarheid’ en ‘continuïteit’, in plaats van ‘stunten’ en ‘gratis’

Geplaatst op 18 oktober 2012 13:12

Paul Melles, directeur Rederij Doeksen (Foto: Mike Bink)

Paul Melles, directeur Rederij Doeksen (Foto: Mike Bink)

Door Paul Melles, directeur Rederij Doeksen

Vandaag breng ik u belangrijk nieuws: onze rederij wil de betrouwbare dienstregeling blijven uitvoeren, meerdere keren per dag, iedere dag, iedere week, iedere maand, het hele jaar door. Jazeker, ook tijdens de natte, rustige herfstmaanden en de koude, nog rustiger wintermaanden wanneer de Waddenzee is dichtgevroren.

Ik zie u denken: “Maar Paul, dat is toch geen nieuws, dat is toch een bekend gegeven?” Inderdaad, bij Rederij Doeksen is dat zo. Voor ons geen nieuws, maar in de actualiteit van het waddenvervoer is het dat wel. Helaas, moet ik er eerlijk gezegd bij zeggen. Diezelfde actualiteit noopt dat ik mij nog maar eens tot u richt met de echte feiten over een betrouwbare veerdienst.

En dan nog een tweede nieuwtje: gratis zullen wij het niet maken. Maar daarover straks meer.

Eerst dus maar eens die feiten. Voor het garanderen van een betrouwbare veerdienst, in dit geval tussen Harlingen en Terschelling en Vlieland, hebben de Rijksoverheid en de eilandgemeenten strikte afspraken gemaakt met Rederij Doeksen. De afspraken staan in een speciale overeenkomst, die Openbare Dienstcontract (ODC) wordt genoemd, met rechten en zeker ook met plichten. Zo is vastgelegd dat er een continue dienstregeling moet zijn met de juiste frequentie, elke dag weer. Deze, onze, veerdienst moet daarbij ook nog voldoen aan een heel eisenpakket, zoals het hebben van een professioneel apparaat en een complete vloot, inclusief verplichte reserveschepen. Bovendien wordt er veel geïnvesteerd in goed opgeleide en daardoor betrokken medewerkers.

Altijd varen
Wat velen als de gewoonste zaak van de wereld ervaren, is dat Rederij Doeksen de veerdienst altijd – het hele jaar door – dient uit te oefenen, dus ook in de verliesgevende periodes, zoals herfst en winter. Daarnaast is een bepaalde frequentie vastgesteld (hoe vaak per dag) en dat levert dan een compleet en klantvriendelijk rooster van afvaarten op.

Het zal u duidelijk zijn dat er drukke seizoenen en stille seizoenen zijn, met beter renderende overtochten en met verliesgevende overtochten. Kort en goed: de zomermaanden leveren een veerdienst als Doeksen het rendement op dat nodig is om de stille maanden door te komen. Ook dat hoort erbij: we varen ook bij slecht weer of bij ijsgang, als er maar een handvol reizigers aan boord is. Afspraak is afspraak.

Dan kan je het idee opperen om die onrendabele vaarten door een ander te laten over nemen. Een onzinnig idee. Feit is dat je de ene onrendabele vaart niet kunt compenseren met de andere. Waar het juist om gaat, is dat een onrendabele vaart wordt gecompenseerd door een rendabele, drukke vaart. Zo ziet het hele business model van een professionele veerdienst eruit, zeker als je te maken hebt met de verplichting van een openbaar dienstcontract.

Een betrouwbare veerdienst onderhouden is meer dan alleen varen (en verstek laten gaan!) als het je uitkomt. Wat zou er gebeuren als wij onze veerboten voor een aantal maanden uit de vaart zouden nemen voor onderhoud? Denk u eens in wat de gevolgen zouden zijn! Wij komen onze afspraken na en leggen onze schepen in de winter níet aan de kant. Bij onderhoud en onverhoopte uitval is er altijd back-up: het hele jaar door wordt de dienstregeling uitgevoerd.

Eerlijke prijzen
Dan zou ik nog even bij u terug komen over het aspect ‘gratis’. Ook hier weer even een belangrijk feit: de tarieven die we hanteren worden gecontroleerd door de overheid. Het zijn marktconforme prijzen, die er voor zorgen dat wij het hele jaar door een betrouwbare en efficiënte dienstregeling kunnen uitvoeren en investeringen kunnen doen, óók met het oog op de toekomst. Daar gratis varen of stunttarieven tegenover stellen, kan alleen worden gezien als korte termijn gewin, dat de continuïteit van de publieke dienst van/naar de eilanden in gevaar brengt. Tien dagen extra passagiers trekken is een grappig marketing-trucje; het staat in geen enkele verhouding tot 365 dagen een serieuze dienstregeling voeren. Voor mij is gratis niet aan de orde; wij vinden het veiligstellen van de continuïteit veel belangrijker. En volgens mij u ook.

Met het uitvoeren van deze dienstregeling hebben wij geen enkele moeite, daar hebben wij ons immers bewust mee akkoord verklaard. Het is ook wat wij willen. Waar wij wel moeite mee hebben is als anderen zomaar de krenten uit de pap pikken in de zomermaanden, die voor onze continuïteit in met name de wintermaanden zo belangrijk zijn. De continuïteit die zo cruciaal is voor de veerverbinding waar eilanders en gasten op moeten kunnen vertrouwen.

En daar gaat deze blog dan ook vooral over. Het besef over en het belang van de veerdienst Terschelling-Harlingen en Vlieland-Harlingen als een publieke dienst die er altijd moet zijn. Daarom ook kijken we reikhalzend uit naar de zitting van het College van Beroep voor het Bedrijfsleven (CBB), waarbij we definitieve zekerheid over onze concessie hopen te krijgen. Dat lijkt de actualiteit van morgen, maar als u de column goed leest, is het de actualiteit van vandaag.

‘Klimaatneutraal Varen’ slaat aan

Geplaatst op 10 oktober 2012 09:19

Reizigers compenseren € 16.762 aan CO2-uitstoot

Vaart u al klimaatneutraal? Duizenden reizigers doen het al en echt… het vaart een stuk fijner! Met uw bijdrage van € 0,50 per overtocht compenseert u de CO2-uitstoot van uw reis. Wist u dat onze passagiers met hun bijdragen in korte tijd al € 16.762 hebben bijgedragen aan een beter milieu?

Rederij Doeksen heeft inmiddels het prachtige bedrag aan betaalde toeslagen overgemaakt aan het Fair Climate Fund, vermeerderd met nog eens € 2.500 ter compensatie van de personeelsreizen van eigen medewerkers.

De Dag van de Duurzaamheid (10 oktober) was een mooie gelegenheid om het resultaat bekend te maken van het eerste halfjaar van ons project ‘Klimaatneutraal Varen’. Als je de geweldige opbrengst bekijkt, dan is er maar één conclusie mogelijk: onze reizigers zijn enorm ecobewust, voor hen staat duurzaamheid 365 dagen per jaar centraal! Duidelijk is ook dat we het project – gezien het succes – in de komende tijd voortzetten.

In april van dit jaar zijn we begonnen met de mogelijkheid om overtochten groen te maken via een toeslag. Dat kan zowel aan de kassa als digitaal, als u een overtocht boekt op onze website. Het lijkt maar een klein gebaar. Maar met die twee ‘kwartjes’ levert u actief een bijdrage aan een beter milieu, want de opbrengst gaat naar geweldige projecten die duizenden mensen leren beter, zuiniger en gezonder om te gaan met energie.

Wat doet het Fair Climate Fund, een bekende specialist op het gebied van CO2-compensatieregelingen, met al dit geld? Een deel van het geld gaat naar het zogeheten Chickballpur districtproject in India, waar er kleine biogasinstallaties voor worden gekocht. Door deze installaties (er zijn er inmiddels 18.000!) hoeven gezinnen minder te zoeken naar stookhout en is er minder (dure) kerosine nodig als brandstof. Door het stoken van koeienpoep en organisch afval leveren de installaties een bijdrage aan de gezondheid en zorgen zij tevens voor een vermindering van de CO2-uitstoot.

Rosina Thabethe

Rosina Thabethe in haar keuken

Een ander heel interessant project is het Basa Magogo-project in Zuid Afrika. Veel mensen in Zuid-Afrikaanse townships hebben last van luchtverontreiniging, die vooral wordt veroorzaakt doordat in veel huizen steenkool wordt verstookt. Het NOVA-instituut promoot in de townships stook- en kookmethoden op basis van duurzame en efficiënte energie, met allerlei voordelen voor de mensen: het is beter voor hun gezondheid, voor het klimaat en voor hun portemonnee.

De meest succesvolle methode wordt lokaal ook wel de ‘Basa Magogo’ genoemd. De stookmethode betekent letterlijk ‘vuur maken volgens oma’s recept’. De families leggen de meeste steenkool onder het aanmaakhout en -papier in plaats van erop. Dit betekent dat er veel minder kolen nodig zijn. Er is minder rook in de keuken en gezinnen worden ook minder vaak ziek. Bovendien zorgt deze kookmethode voor een vermindering van de CO2-uitstoot met dertig procent!

Het project heeft een grote impact op het leven van de gezinnen in de townships. Drie jaar geleden stapte bijvoorbeeld Rosina Thabethe in Sakhile Village (zie foto) over op techniek van de ‘Basa Magogo’, nadat een NOVA-vertegenwoordiger naar haar huis was gekomen om haar te tonen hoe het werkt. Net als haar drie buren, die bij de demonstratie waren, was Rosina verbaasd over het resultaat. “Door het gebruik van de nieuwe methode blijft mijn oven veel langer warm en is er minder rook in de keuken”, zegt Rosina, die heel enthousiast is over haar rookvrije huis en over het geld dat ze spaart voor kolen en hout.

Zo ziet u dat uw kleine bijdrage van vijftig cent – gedoneerd in het kader van ‘Klimaatneutraal Varen’ elders op de wereld een heel groot verschil maakt!

Paul Melles, Algemeen Directeur Rederij Doeksen spreekt

Geplaatst op 17 augustus 2012 09:48

Paul Melles, directeur Rederij Doeksen (Foto: Mike Bink)

Paul Melles, directeur Rederij Doeksen (Foto: Mike Bink)

Paul Melles, Algemeen Directeur Rederij Doeksen:
Win-win of lose-lose?

U heeft het wellicht gevolgd in de media. De voorzieningenrechter besliste dat EVT haar vaartijden zodanig moet aanpassen, dat zij voldoen aan de zogeheten medegebruikafspraken die voor de veerdienst op Terschelling gelden. De uitspraak verraste mij niet zo, het ging in feite om het bevestigen van contractuele afspraken.

Vanaf 4 september gaat EVT éénmaal per dag varen. Als reden wordt de recente uitspraak van de kantonrechter over venstertijden genoemd. Ik kan niet anders dan concluderen dat het schrappen van de afvaarten vanaf september voor EVT een kostenbesparing is. De rechterlijke uitspraak is als excuus gebruikt om in de minder winstgevende herfst en winter af te wijken van de dienstregeling, door minder te varen en zo de centjes in de zak te houden. Volgens mij kijken eilanders daar wel doorheen: EVT is een bedrijf dat geld wil verdienen door onrendabele vaarten te schrappen. En het geeft Doeksen daarvan de schuld.

Wij hebben ons de laatste jaren wat terughoudend opgesteld in het ontketende mediageweld rond de veerdiensten. Bij Doeksen concentreren wij ons liever op waar we goed in zijn: het voeren van een puike veerdienst. En daarmee op het nakomen van de contractuele afspraken die wij met de Gemeente Terschelling en het Rijk hebben gemaakt over de veerdienst. Dat ik nu toch in deze blog naar buiten treed, heeft twee aanleidingen. De eerste is de uitspraak die de rechter eind dit jaar gaat doen: wordt de concessieverlening aan Doeksen en Wagenborg onherroepelijk, ja of nee? Wij zien die uitspraak met vertrouwen tegemoet, maar zien ook dat de uitspraak beslissend wordt voor de continuïteit en de kwaliteit van de veerdiensten. De tweede aanleiding is de schade die de ontwikkelingen bij de veerdienst inmiddels blijkt te hebben op de bedrijfsvoering bij Rederij Doeksen.

Ten onrechte wordt over ons beweerd dat wij de concurrentie niet zouden willen aangaan met een andere partij. Wij vinden dat er van eerlijke concurrentie alleen sprake kan zijn als de partijen aan gelijke eisen moeten voldoen. De praktijk van vandaag is dat EVT aan minimale eisen moet voldoen en dus goedkoop kan varen, terwijl Rederij Doeksen gehouden is aan scherpe voorschriften, die de prijs van een kaartje op de route automatisch duurder maken. Ik zeg daar meteen bij dat het kaartje wel een eerlijke prijs heeft. Onderzoeksbureau Ecorys heeft aangetoond dat Doeksen relatief gezien zelfs een goedkope veerdienst is.

Het Openbaar Dienstcontract (hierna ODC) geeft Rederij Doeksen onder meer de verplichting om het hele jaar door de veerdienst te waarborgen, zowel voor Terschelling als Vlieland! Bovendien moet Doeksen twee reserveboten beschikbaar houden, passagiersaccommodaties en een klantenservice bieden. Daarnaast geeft het ODC medegebruikers de ruimte om gebruik te maken van de resterende capaciteit van de rijksbruggen en -terreinen. Daarbij geldt een belangrijke voorwaarde: een medegebruiker mag de veerdienst van de hoofdgebruiker (Doeksen en Wagenborg) niet hinderen. Om dat te voorkomen zijn er heldere medegebruiksafspraken bepaald. Die brengen beperkingen met zich mee voor de medegebruiker. Beperkingen die al vanaf de dag van oprichting bij EVT bekend zijn!

EVT heeft alles geprobeerd om de beperkingen van het ODC aan te vechten. Wanneer EVT van de rechter geen gelijk kreeg, betichtte het Rederij Doeksen van vuil spel, ongeoorloofde praktijken, vriendjespolitiek etcetera. EVT doet bij herhaling geloven dat Rederij Doeksen de schuld is bij alles wat er bij EVT niet lukt of verkeerd gaat. Maar de feiten zijn anders.

Wie nieuw is in deze branche, merkt dat er veel voor nodig is om een goede, veilige en rendabele veerdienst te realiseren. Dat begint bij de keuze voor de juiste schepen, die voldoen aan alle eisen die de overheid nu eenmaal stelt, in het belang van de reiziger. Schepen die in staat zijn hun gepubliceerde dienstregeling te halen, zonder vertraging.

Het is al lang duidelijk dat het een utopie is om op deze routes een veerdienst te runnen volgens het TESO-model op Texel. De prettig lage tarieven op die route zijn op Terschelling en Vlieland niet haalbaar, om verschillende redenen. TESO vervoert vier keer zoveel passagiers, veertien keer meer personenauto’s en maakt vijftien keer zoveel vrachtmeters, over een afstand die ruim vijf keer korter is dan die van Doeksen. Door dat enorme omzetvolume maakt TESO NV een gezonde jaarwinst om aan haar kapitaalintensieve investeringsverplichtingen (nieuwe schepen zijn nu eenmaal erg duur) te kunnen blijven voldoen.

Er is nog iets anders dat mij stoort in de discussie over de veerdienst. Rederij Doeksen wordt ten onrechte neergezet als een organisatie die zich niets van zijn klanten aantrekt. Het tegendeel is waar. In de afgelopen jaren heeft Rederij Doeksen bewezen een uitstekende dienstverlener te zijn die prima inspeelt op de wensen en eisen van de consument. In het onafhankelijk klanttevredenheidsonderzoek van de overheid scoort Rederij Doeksen voor de reizigers op de Terschelling-route een 8,1, op Vlieland zelfs een 8,3. Ook de eilanders zijn content met een score van 7,6!

De veerdienstkwestie heeft intussen wel pijnlijke gevolgen. De klanten die Doeksen in de zomer nodig heeft om straks de winter dienstregeling te kunnen varen, worden nu deels weggekaapt. Dat gebeurt door een partij die in de komende winter niet of nauwelijks vaart, omdat ze geen verplichting heeft en kosten moet besparen. Zo wordt de omzet afgeroomd die wij hard nodig hebben om aan onze verplichtingen jegens het Rijk en de Gemeente Terschelling te voldoen. Wij moeten constateren dat de schade groot is. Ik heb in de krant al aangegeven dat we tot en met juli al 43.000 reizigers minder vervoerden dan vorig jaar en 18 procent minder personenauto’s. Samen is dit alles goed voor een verlies van € 1,5 miljoen aan inkomsten. Deze lijn zal zich in augustus voortzetten en zorgt dit jaar voor een fors verlies bij Doeksen.

De minister heeft bewust voor de concessiemethode gekozen, vooralsnog in de vorm van een bepaald niet volmaakt gebleken ODC; de concessievorm biedt mijns inziens de beste garanties voor continuïteit en goede service. De overheid heeft de touwtjes in handen en kan controleren, corrigeren en sturend optreden op de wijze waarop Rederij Doeksen de dienst uitvoert. Het is de manier waarop het algemeen belang het best wordt gediend.

Als onze omzet en resultaat zich ook in 2013 nadelig blijven ontwikkelen, zijn wij snel aan het eind van ons latijn. De continuïteit komt in gevaar en wij kunnen dan niet meer aan de harde eis voldoen om bijvoorbeeld op winterdagen alleen al op Terschelling zes retourvaarten te bieden. Wij kunnen onze kosten niet oneindig terugschroeven, want wij hebben wel zes schepen (waaronder twee reserveschepen) en drie terminals te onderhouden, volgens normen die keihard zijn vastgelegd met Rijk en gemeente!

De vraag is wel wat de toekomst van de veerdienst zal worden. Het unfaire gevecht in de markt onder het ODC is niet langer houdbaar. Een snelle onherroepelijke concessie kan het tij doen keren, maar als dit nog jaren uitblijft , dan vrees ik dat er op vrij korte termijn alleen maar verliezers zullen zijn. EVT verliest en Rederij Doeksen ook, een lose-lose situatie dus! En de grootste verliezer is de burger. Die ziet mogelijk in de winter de dienstregeling op pijnlijke wijze instorten. EVT kondigt dat nu met de beperking van de winterdienstregeling feitelijk al aan!

Wij van Doeksen hebben met de minister in 2007 een ODC getekend, onder de belofte dat binnen twee jaar een concessiewetgeving tot stand gebracht zal worden. Daarbij hebben we alles gedaan om aan de vele eisen (ook uit de Gemeenteraad van Terschelling) te voldoen, bijvoorbeeld op het gebied van de werkgelegenheid. Wij zijn in al die jaren onze verplichtingen nagekomen. Inmiddels zijn we vijf jaar verder en wordt de situatie voor Doeksen onhoudbaar.

Mijn grootste wens? Wees fair en geef toe dat een vrije veermarkt geen goede optie is. Geef nu eindelijk eens duidelijkheid over de concessie die ons gegund is. De grenzen van het ODC zijn in de afgelopen vijf jaar steeds verder opgerekt en het wordt tijd voor maatregelen. Misschien moet EVT, zoals het steeds beloofd heeft, ook in de winter maar eens drie maal per dag blijven varen. Dan zal snel blijken dat een veerdienst van een tarief van € 5 niet kan bestaan! Het alternatief: een volledig vrije markt, waarin de overheid geen minimumdienstregeling meer kan afdwingen? Dat zou een hele slechte zaak zijn voor Terschelling en Vlieland…

Een mooi rapport: een dikke 8!

Geplaatst op 17 juli 2012 10:49

Het is een menselijk trekje dat u vast kent. Hoewel je zeker weet dat je enorm je best doet en goed werk levert, is het toch fijn om die waardering van tijd tot tijd zwart op wit te krijgen. Zo was het ook met de uitkomsten van het klanttevredenheidsonderzoek dat het Ministerie van Infrastructuur en Milieu eerder dit jaar hield onder reizigers naar de Waddeneilanden. Het rapport toverde een dikke glimlach op het gezicht van directie en medewerkers in Harlingen en op de eilanden Terschelling en Vlieland!

Het onderzoek, waarvoor in 2012 vele honderden Terschelling- en Vlieland-reizigers aan boord van onze schepen zijn geënqueteerd, werd met spanning afgewacht.

Een paar interessante uitkomsten: in twee jaar steeg de waardering van de klant op onze routes op de meeste meetpunten, bijvoorbeeld de netheid van vaartuig, het sanitair en de wachtruimte, de klantvriendelijkheid van het personeel, informatie bij het boeken en bij problemen en de stiptheid. Het algemene oordeel over de totale vaart steeg zowel op de Terschelling-route als op de Vlieland-route. De Terschelling-reiziger geeft Doeksen een schitterend rapportcijfer van 8,1, zelfs nog hoger dan de 7,9 in 2009. Op Vlieland is het cijfer nog hoger: een 8,3 (was 8,1 in 2009).

Wat betekenen al deze cijfers en wat gebeurt er mee? Ze zijn aan de ene kant een bevestiging dat de veerdiensten bij Doeksen in goede handen zijn en dat we ruimschoots voldoen aan de eisen die de overheid stelt aan onze dienstverlening. Tegelijk vormen de uitkomsten een welkome steun in de rug bij het concessieverleningstraject dat voor de routes op Terschelling en Vlieland gaande is.

En hoewel we wisten dat onze medewerkers al langere tijd goed bezig zijn, was de waardering met name voor hun werk toch onverwacht hoog. Het rapportcijfer voor de klantvriendelijkheid van ons personeel steeg bij de Vlieland-reizigers van een 8,0 in 2009 naar een 8,5 in 2012 (Terschelling: van 7,9 naar 8,2)! Een ongekend hoge score, binnen en buiten onze branche.

Het resultaat komt niet helemaal uit de lucht vallen. Doeksen heeft de laatste jaren nadrukkelijk geïnvesteerd in het gastheerschap van onze mensen, door ze intensieve ‘hostmanship trainingen’ te laten volgen. De kern van deze trainingen kunt u afleiden uit deze definitie die de trainers aan ‘hostmanschip’ geven: “Hostmanship is ‘de kunst mensen het gevoel te geven dat ze welkom zijn’. Of het nu gaat om klanten, patiënten, bezoekers of burgers, Hostmanship zorgt voor een beleving die onderscheidend is. Hierdoor ontstaat meerwaarde die zich vertaalt in loyale klanten en trotse medewerkers.”

De trainingen lijken dus effect te hebben, aan de balie, bij het in- en uitstappen, aan boord en zelfs aan de telefoon, bij het beantwoorden van klantvragen en –klachten!

Dat laatste dus ook. Want het is leuk om een mooi rapport met achten te krijgen, maar eigenlijk waren we nog het meest benieuwd naar de zevens en zessen en eventuele onvoldoendes. Waar kunnen wij het nog beter doen?

De Top 3 aanbevelingen van Terschelling-reizigers: de prijs van het vervoersbewijs per persoon en per motorvoertuig, gevolgd door het geluid aan boord. In de Top 3 voor Vlieland staat behalve de prijs voor vervoersbewijzen ook het aantal keer dat deze dienst wordt uitgevoerd.

Doeksen neemt de kritische geluiden serieus. We leren graag van de punten die ons via het onderzoek worden aangereikt en proberen zo onze service te verbeteren!

Beroepscollege bespoedigt behandeling zaak concessie Waddenveren

Geplaatst op 8 juni 2012 11:54

Rechter honoreert verzoek Rederij Doeksen

Het College van Beroep voor het Bedrijfsleven (CBB) in Den Haag behandelt nog dit jaar het beroep dat EVT, Spathoek NV en Waddentransport hebben aangetekend tegen de veerdienst-concessies voor Rederij Doeksen en Wagenborg Passagiers Diensten. Het CBB bespoedigt hiermee de procedure, zo laat het weten in reactie op een verzoek van Rederij Doeksen dat graag snel duidelijkheid wil in deze slepende kwestie.

Minister Schultz van Haegen (Infrastructuur en Milieu) heeft op 24 mei 2011 twee concessies verleend voor de veerdiensten tussen het vasteland en de vier Friese Waddeneilanden. De concessies, die gelden voor 15 jaar, zijn toegekend aan de rederijen Doeksen en Wagenborg.

Tegen de beslissing van de minister heeft onder meer EVT bezwaar aangetekend. In die procedure heeft Schultz van Haegen in maart van dit jaar bepaald dat de bezwaren ongegrond zijn.

EVT heeft vervolgens beroep aangetekend bij het College van Beroep voor het Bedrijfsleven tegen de concessie van Rederij Doeksen. De beslissing van het CBB is finaal; er is daarna geen enkel hoger beroep meer mogelijk. Het College kan, als onderdeel van de beroepsprocedure, eventueel besluiten om de zaak voor advies voor te leggen aan externe instanties. De beslissing voor een dergelijke eventuele procedure ligt overigens geheel bij het College en niet bij de partijen in het conflict. Hoe dan ook, behalve de behandeling bij het CBB zal er geen verdere rechtsgang meer mogelijk zijn.

De zitting van het CBB is dus nu vervroegd en zal in het vierde kwartaal van dit jaar nog plaats vinden.

Over de concessies
De minister heeft de concessies toegekend zodat de eilanders en bezoekers zijn verzekerd van reguliere, betaalbare en betrouwbare verbindingen gedurende het hele jaar. Schultz van Haegen zei bij het toekennen van de concessies: “Het nieuwe concessiestelsel zorgt ervoor dat de continuïteit van de verbindingen gewaarborgd is, dat reders efficiënt werken en een goede service aanbieden tegen een betaalbare prijs.”

Eén concessie is verleend aan Rederij Doeksen voor de veerdiensten tussen het vaste land en de Waddeneilanden Terschelling en Vlieland. De tweede concessie is verleend aan de Rederij Wagenborg voor de veerdiensten tussen het vaste land en de Waddeneilanden Ameland en Schiermonnikoog.

Doeksen en Wagenborg verzorgden de veerdiensten tussen het vastenland en de vier Friese eilanden al op basis van Openbare Dienstcontracten (OD-contracten). Om de continuïteit van personenvervoer (zonder subsidie) te garanderen, is een concessiestelsel opgezet. In de concessie garandeert de reder een keur aan diensten die van belang zijn voor reizigers en de bevolking van het eiland. Hierbij gaat het bijvoorbeeld om de garantie van de overtocht via het ter beschikking hebben van een complete, deugdelijke vloot aan schepen. De concessie regelt ook de prijzen die de reder kan hanteren. Concessiehouder Doeksen levert ook essentiële zaken als een ziekenboeg, een ijsbreker, een terminal en een klantenservice die zeven dagen per week bereikbaar is. De reder krijgt hiervoor het exclusieve recht tot het verrichten van de veerdiensten terug.

In de concessie zijn onder andere voorschriften opgenomen om de kwaliteit van de veerdiensten te waarborgen. De waardering die klanten geven, is daarbij de belangrijkste graadmeter. Daarnaast is in de concessie opgenomen dat consumentenorganisaties en gemeenten jaarlijks advies uitbrengen over de vervoersplannen van de reders. De concessieperiode bedraagt 15 jaar. Daarna zal een openbare aanbesteding plaatsvinden.