Categorie: Achtergrond

Bij een veerdienst gaat het om ‘betrouwbaarheid’ en ‘continuïteit’, in plaats van ‘stunten’ en ‘gratis’

Geplaatst op 18 oktober 2012 13:12

Paul Melles, directeur Rederij Doeksen (Foto: Mike Bink)

Paul Melles, directeur Rederij Doeksen (Foto: Mike Bink)

Door Paul Melles, directeur Rederij Doeksen

Vandaag breng ik u belangrijk nieuws: onze rederij wil de betrouwbare dienstregeling blijven uitvoeren, meerdere keren per dag, iedere dag, iedere week, iedere maand, het hele jaar door. Jazeker, ook tijdens de natte, rustige herfstmaanden en de koude, nog rustiger wintermaanden wanneer de Waddenzee is dichtgevroren.

Ik zie u denken: “Maar Paul, dat is toch geen nieuws, dat is toch een bekend gegeven?” Inderdaad, bij Rederij Doeksen is dat zo. Voor ons geen nieuws, maar in de actualiteit van het waddenvervoer is het dat wel. Helaas, moet ik er eerlijk gezegd bij zeggen. Diezelfde actualiteit noopt dat ik mij nog maar eens tot u richt met de echte feiten over een betrouwbare veerdienst.

En dan nog een tweede nieuwtje: gratis zullen wij het niet maken. Maar daarover straks meer.

Eerst dus maar eens die feiten. Voor het garanderen van een betrouwbare veerdienst, in dit geval tussen Harlingen en Terschelling en Vlieland, hebben de Rijksoverheid en de eilandgemeenten strikte afspraken gemaakt met Rederij Doeksen. De afspraken staan in een speciale overeenkomst, die Openbare Dienstcontract (ODC) wordt genoemd, met rechten en zeker ook met plichten. Zo is vastgelegd dat er een continue dienstregeling moet zijn met de juiste frequentie, elke dag weer. Deze, onze, veerdienst moet daarbij ook nog voldoen aan een heel eisenpakket, zoals het hebben van een professioneel apparaat en een complete vloot, inclusief verplichte reserveschepen. Bovendien wordt er veel geïnvesteerd in goed opgeleide en daardoor betrokken medewerkers.

Altijd varen
Wat velen als de gewoonste zaak van de wereld ervaren, is dat Rederij Doeksen de veerdienst altijd – het hele jaar door – dient uit te oefenen, dus ook in de verliesgevende periodes, zoals herfst en winter. Daarnaast is een bepaalde frequentie vastgesteld (hoe vaak per dag) en dat levert dan een compleet en klantvriendelijk rooster van afvaarten op.

Het zal u duidelijk zijn dat er drukke seizoenen en stille seizoenen zijn, met beter renderende overtochten en met verliesgevende overtochten. Kort en goed: de zomermaanden leveren een veerdienst als Doeksen het rendement op dat nodig is om de stille maanden door te komen. Ook dat hoort erbij: we varen ook bij slecht weer of bij ijsgang, als er maar een handvol reizigers aan boord is. Afspraak is afspraak.

Dan kan je het idee opperen om die onrendabele vaarten door een ander te laten over nemen. Een onzinnig idee. Feit is dat je de ene onrendabele vaart niet kunt compenseren met de andere. Waar het juist om gaat, is dat een onrendabele vaart wordt gecompenseerd door een rendabele, drukke vaart. Zo ziet het hele business model van een professionele veerdienst eruit, zeker als je te maken hebt met de verplichting van een openbaar dienstcontract.

Een betrouwbare veerdienst onderhouden is meer dan alleen varen (en verstek laten gaan!) als het je uitkomt. Wat zou er gebeuren als wij onze veerboten voor een aantal maanden uit de vaart zouden nemen voor onderhoud? Denk u eens in wat de gevolgen zouden zijn! Wij komen onze afspraken na en leggen onze schepen in de winter níet aan de kant. Bij onderhoud en onverhoopte uitval is er altijd back-up: het hele jaar door wordt de dienstregeling uitgevoerd.

Eerlijke prijzen
Dan zou ik nog even bij u terug komen over het aspect ‘gratis’. Ook hier weer even een belangrijk feit: de tarieven die we hanteren worden gecontroleerd door de overheid. Het zijn marktconforme prijzen, die er voor zorgen dat wij het hele jaar door een betrouwbare en efficiënte dienstregeling kunnen uitvoeren en investeringen kunnen doen, óók met het oog op de toekomst. Daar gratis varen of stunttarieven tegenover stellen, kan alleen worden gezien als korte termijn gewin, dat de continuïteit van de publieke dienst van/naar de eilanden in gevaar brengt. Tien dagen extra passagiers trekken is een grappig marketing-trucje; het staat in geen enkele verhouding tot 365 dagen een serieuze dienstregeling voeren. Voor mij is gratis niet aan de orde; wij vinden het veiligstellen van de continuïteit veel belangrijker. En volgens mij u ook.

Met het uitvoeren van deze dienstregeling hebben wij geen enkele moeite, daar hebben wij ons immers bewust mee akkoord verklaard. Het is ook wat wij willen. Waar wij wel moeite mee hebben is als anderen zomaar de krenten uit de pap pikken in de zomermaanden, die voor onze continuïteit in met name de wintermaanden zo belangrijk zijn. De continuïteit die zo cruciaal is voor de veerverbinding waar eilanders en gasten op moeten kunnen vertrouwen.

En daar gaat deze blog dan ook vooral over. Het besef over en het belang van de veerdienst Terschelling-Harlingen en Vlieland-Harlingen als een publieke dienst die er altijd moet zijn. Daarom ook kijken we reikhalzend uit naar de zitting van het College van Beroep voor het Bedrijfsleven (CBB), waarbij we definitieve zekerheid over onze concessie hopen te krijgen. Dat lijkt de actualiteit van morgen, maar als u de column goed leest, is het de actualiteit van vandaag.

Paul Melles, Algemeen Directeur Rederij Doeksen spreekt

Geplaatst op 17 augustus 2012 09:48

Paul Melles, directeur Rederij Doeksen (Foto: Mike Bink)

Paul Melles, directeur Rederij Doeksen (Foto: Mike Bink)

Paul Melles, Algemeen Directeur Rederij Doeksen:
Win-win of lose-lose?

U heeft het wellicht gevolgd in de media. De voorzieningenrechter besliste dat EVT haar vaartijden zodanig moet aanpassen, dat zij voldoen aan de zogeheten medegebruikafspraken die voor de veerdienst op Terschelling gelden. De uitspraak verraste mij niet zo, het ging in feite om het bevestigen van contractuele afspraken.

Vanaf 4 september gaat EVT éénmaal per dag varen. Als reden wordt de recente uitspraak van de kantonrechter over venstertijden genoemd. Ik kan niet anders dan concluderen dat het schrappen van de afvaarten vanaf september voor EVT een kostenbesparing is. De rechterlijke uitspraak is als excuus gebruikt om in de minder winstgevende herfst en winter af te wijken van de dienstregeling, door minder te varen en zo de centjes in de zak te houden. Volgens mij kijken eilanders daar wel doorheen: EVT is een bedrijf dat geld wil verdienen door onrendabele vaarten te schrappen. En het geeft Doeksen daarvan de schuld.

Wij hebben ons de laatste jaren wat terughoudend opgesteld in het ontketende mediageweld rond de veerdiensten. Bij Doeksen concentreren wij ons liever op waar we goed in zijn: het voeren van een puike veerdienst. En daarmee op het nakomen van de contractuele afspraken die wij met de Gemeente Terschelling en het Rijk hebben gemaakt over de veerdienst. Dat ik nu toch in deze blog naar buiten treed, heeft twee aanleidingen. De eerste is de uitspraak die de rechter eind dit jaar gaat doen: wordt de concessieverlening aan Doeksen en Wagenborg onherroepelijk, ja of nee? Wij zien die uitspraak met vertrouwen tegemoet, maar zien ook dat de uitspraak beslissend wordt voor de continuïteit en de kwaliteit van de veerdiensten. De tweede aanleiding is de schade die de ontwikkelingen bij de veerdienst inmiddels blijkt te hebben op de bedrijfsvoering bij Rederij Doeksen.

Ten onrechte wordt over ons beweerd dat wij de concurrentie niet zouden willen aangaan met een andere partij. Wij vinden dat er van eerlijke concurrentie alleen sprake kan zijn als de partijen aan gelijke eisen moeten voldoen. De praktijk van vandaag is dat EVT aan minimale eisen moet voldoen en dus goedkoop kan varen, terwijl Rederij Doeksen gehouden is aan scherpe voorschriften, die de prijs van een kaartje op de route automatisch duurder maken. Ik zeg daar meteen bij dat het kaartje wel een eerlijke prijs heeft. Onderzoeksbureau Ecorys heeft aangetoond dat Doeksen relatief gezien zelfs een goedkope veerdienst is.

Het Openbaar Dienstcontract (hierna ODC) geeft Rederij Doeksen onder meer de verplichting om het hele jaar door de veerdienst te waarborgen, zowel voor Terschelling als Vlieland! Bovendien moet Doeksen twee reserveboten beschikbaar houden, passagiersaccommodaties en een klantenservice bieden. Daarnaast geeft het ODC medegebruikers de ruimte om gebruik te maken van de resterende capaciteit van de rijksbruggen en -terreinen. Daarbij geldt een belangrijke voorwaarde: een medegebruiker mag de veerdienst van de hoofdgebruiker (Doeksen en Wagenborg) niet hinderen. Om dat te voorkomen zijn er heldere medegebruiksafspraken bepaald. Die brengen beperkingen met zich mee voor de medegebruiker. Beperkingen die al vanaf de dag van oprichting bij EVT bekend zijn!

EVT heeft alles geprobeerd om de beperkingen van het ODC aan te vechten. Wanneer EVT van de rechter geen gelijk kreeg, betichtte het Rederij Doeksen van vuil spel, ongeoorloofde praktijken, vriendjespolitiek etcetera. EVT doet bij herhaling geloven dat Rederij Doeksen de schuld is bij alles wat er bij EVT niet lukt of verkeerd gaat. Maar de feiten zijn anders.

Wie nieuw is in deze branche, merkt dat er veel voor nodig is om een goede, veilige en rendabele veerdienst te realiseren. Dat begint bij de keuze voor de juiste schepen, die voldoen aan alle eisen die de overheid nu eenmaal stelt, in het belang van de reiziger. Schepen die in staat zijn hun gepubliceerde dienstregeling te halen, zonder vertraging.

Het is al lang duidelijk dat het een utopie is om op deze routes een veerdienst te runnen volgens het TESO-model op Texel. De prettig lage tarieven op die route zijn op Terschelling en Vlieland niet haalbaar, om verschillende redenen. TESO vervoert vier keer zoveel passagiers, veertien keer meer personenauto’s en maakt vijftien keer zoveel vrachtmeters, over een afstand die ruim vijf keer korter is dan die van Doeksen. Door dat enorme omzetvolume maakt TESO NV een gezonde jaarwinst om aan haar kapitaalintensieve investeringsverplichtingen (nieuwe schepen zijn nu eenmaal erg duur) te kunnen blijven voldoen.

Er is nog iets anders dat mij stoort in de discussie over de veerdienst. Rederij Doeksen wordt ten onrechte neergezet als een organisatie die zich niets van zijn klanten aantrekt. Het tegendeel is waar. In de afgelopen jaren heeft Rederij Doeksen bewezen een uitstekende dienstverlener te zijn die prima inspeelt op de wensen en eisen van de consument. In het onafhankelijk klanttevredenheidsonderzoek van de overheid scoort Rederij Doeksen voor de reizigers op de Terschelling-route een 8,1, op Vlieland zelfs een 8,3. Ook de eilanders zijn content met een score van 7,6!

De veerdienstkwestie heeft intussen wel pijnlijke gevolgen. De klanten die Doeksen in de zomer nodig heeft om straks de winter dienstregeling te kunnen varen, worden nu deels weggekaapt. Dat gebeurt door een partij die in de komende winter niet of nauwelijks vaart, omdat ze geen verplichting heeft en kosten moet besparen. Zo wordt de omzet afgeroomd die wij hard nodig hebben om aan onze verplichtingen jegens het Rijk en de Gemeente Terschelling te voldoen. Wij moeten constateren dat de schade groot is. Ik heb in de krant al aangegeven dat we tot en met juli al 43.000 reizigers minder vervoerden dan vorig jaar en 18 procent minder personenauto’s. Samen is dit alles goed voor een verlies van € 1,5 miljoen aan inkomsten. Deze lijn zal zich in augustus voortzetten en zorgt dit jaar voor een fors verlies bij Doeksen.

De minister heeft bewust voor de concessiemethode gekozen, vooralsnog in de vorm van een bepaald niet volmaakt gebleken ODC; de concessievorm biedt mijns inziens de beste garanties voor continuïteit en goede service. De overheid heeft de touwtjes in handen en kan controleren, corrigeren en sturend optreden op de wijze waarop Rederij Doeksen de dienst uitvoert. Het is de manier waarop het algemeen belang het best wordt gediend.

Als onze omzet en resultaat zich ook in 2013 nadelig blijven ontwikkelen, zijn wij snel aan het eind van ons latijn. De continuïteit komt in gevaar en wij kunnen dan niet meer aan de harde eis voldoen om bijvoorbeeld op winterdagen alleen al op Terschelling zes retourvaarten te bieden. Wij kunnen onze kosten niet oneindig terugschroeven, want wij hebben wel zes schepen (waaronder twee reserveschepen) en drie terminals te onderhouden, volgens normen die keihard zijn vastgelegd met Rijk en gemeente!

De vraag is wel wat de toekomst van de veerdienst zal worden. Het unfaire gevecht in de markt onder het ODC is niet langer houdbaar. Een snelle onherroepelijke concessie kan het tij doen keren, maar als dit nog jaren uitblijft , dan vrees ik dat er op vrij korte termijn alleen maar verliezers zullen zijn. EVT verliest en Rederij Doeksen ook, een lose-lose situatie dus! En de grootste verliezer is de burger. Die ziet mogelijk in de winter de dienstregeling op pijnlijke wijze instorten. EVT kondigt dat nu met de beperking van de winterdienstregeling feitelijk al aan!

Wij van Doeksen hebben met de minister in 2007 een ODC getekend, onder de belofte dat binnen twee jaar een concessiewetgeving tot stand gebracht zal worden. Daarbij hebben we alles gedaan om aan de vele eisen (ook uit de Gemeenteraad van Terschelling) te voldoen, bijvoorbeeld op het gebied van de werkgelegenheid. Wij zijn in al die jaren onze verplichtingen nagekomen. Inmiddels zijn we vijf jaar verder en wordt de situatie voor Doeksen onhoudbaar.

Mijn grootste wens? Wees fair en geef toe dat een vrije veermarkt geen goede optie is. Geef nu eindelijk eens duidelijkheid over de concessie die ons gegund is. De grenzen van het ODC zijn in de afgelopen vijf jaar steeds verder opgerekt en het wordt tijd voor maatregelen. Misschien moet EVT, zoals het steeds beloofd heeft, ook in de winter maar eens drie maal per dag blijven varen. Dan zal snel blijken dat een veerdienst van een tarief van € 5 niet kan bestaan! Het alternatief: een volledig vrije markt, waarin de overheid geen minimumdienstregeling meer kan afdwingen? Dat zou een hele slechte zaak zijn voor Terschelling en Vlieland…

De prijs van de overtocht

Geplaatst op 8 augustus 2012 08:05

Onlangs hoorde ik twee passagiers tijdens een overtocht gezellig praten over hun tripje naar de Wadden. De reizigers kenden elkaar niet, maar hadden duidelijk voorpret. Toen alle plannen voor de dagen op de eilanden waren doorgenomen, kwam het op de prijs van de overtocht. De discussie die ontstond, is min of meer klassiek. Kort samengevat: de ene reiziger vond dat het glas half leeg was, de ander zag het als half vol.

De één vond zijn kort voor vertrek geboekte retourticket van € 25,06 aan de dure kant. “Dat meen je niet, ik vind het een echt koopje”, wierp de ander tegen. “Hoe lang ben je voor dat geld onderweg? En vergeet niet: ze hebben voor dat geld wel veerboten te kopen en te onderhouden, net als terminals en veiligheidsvoorzieningen, WiFi aan boord, noem maar op…”

Duur of goedkoop: wie heeft er nu gelijk? De discussie duikt al jaren bij tijd en wijle op. En als je het aantal passagiers vermenigvuldigt met een gemiddeld reistarief, dan dansen al snel de eurotekens voor de ogen. Daar zal Doeksen vast dikke winst op maken, zeggen sommigen dan al snel. Kort en goed: Doeksen is een bedrijf, dat het geld voor investeringen in vloot en voorzieningen zelf zal moeten verdienen, daar komt geen subsidie aan te pas. En natuurlijk wil een bedrijf winst maken, om gezond te blijven en continuïteit te bieden. En om te investeren in wat wij ondubbelzinnig het allerbelangrijkste aspect vinden van een veerdienst op Terschelling en Vlieland: veiligheid! Die is ons alles waard en wij hebben ook geen moeite om hier een groot deel van onze inkomsten in te steken.

Maar wat veel mensen niet weten, is dat de overheid duidelijke beperkingen stelt aan het rendement, zeg maar de winst. In de officiële concessie aan Rederij Doeksen wordt een acceptabel maximumpercentage genoemd. De overheid controleert dus de cijfers van Doeksen en als de winst buitensporig zou zijn (wat sommigen wel eens beweren), dan volgen er maatregelen.

Maar hoe zit het dan met de jaarlijkse tariefsverhogingen? Waarom stijgen de prijzen elk jaar, is het bestaande prijspeil niet voldoende om uit de kosten te komen en wat winst te draaien? Het antwoord zal u wellicht verbazen: de stijging volgt secuur een landelijke lijn die door veel OV-bedrijven wordt gehanteerd.

De tarieven voor volgend jaar worden elk jaar (licht) verhoogd met de landelijke zogeheten OV-index, die is samengesteld uit informatie van het Centraal Planbureau en het Centraal Bureau voor de Statistiek. De index geeft aan wat de gemiddelde kostenstijging is in het openbaar vervoer en ook Doeksen conformeert zich hier aan. Overigens worden onze voorstellen voor de nieuwe tarieven altijd voorgelegd aan de Commissie Bootdiensten, waarin de gemeenten Terschelling en Vlieland, het ministerie van Infrastructuur en Milieu zitting hebben. Kortom: de rederij draait niet willekeurig aan de tariefknoppen om het financiële plaatje wat op te vrolijken, het is een transparant proces!

Maar waarom moet een retourkaartje van de reiziger uit het begin van deze blog € 25,06 kosten en niet – bijvoorbeeld – € 10 of € 20? Voor een beoordeling van de tarieven – fair of niet – moet je eigenlijk een kijkje achter de schermen nemen. Want de prijs van een ticket dient veel meer kosten te dekken dan alleen die van de brandstof en van het personeel aan boord en aan de wal.

Met de aankoop van het ticket betaalt u voor een overtocht met een comfortabel en veilig schip met kinderfaciliteiten en uitstekende horeca. Voor het gebruik van comfortabele, overdekte, rookvrije en verwarmde wachtruimtes, voor de diensten van een contactcenter waar medewerkers uw vragen beantwoorden en boekingen regelen, zeven dagen per week. En inderdaad, van de ticketopbrengst investeren wij ook in zaken als gratis gebruik van WiFi aan boord en in de wachtruimtes, de ontwikkeling en bouw van nieuwe schepen, de ontwikkeling van ICT-applicaties voor bijvoorbeeld online boeken en de vingerscan. Doeksen investeert uit de ticketopbrengsten tevens in extra services, zoals de bel- en sms-service als afvaarten uitvallen en zelfs in de ontwikkeling van milieuvriendelijker voortstuwingsmogelijkheden.

Er zijn nog veel meer kosten die je niet direct terugziet. Omdat Doeksen verplicht is de uitvoering van afvaarten tijdens het winterseizoen te garanderen, moeten wij backup faciliteiten bieden. Extra veerboten achter de hand houden, extra bemanningen paraat hebben die in geval van storingen opgeroepen kunnen worden, het kost allemaal geld. En hoewel het niet wettelijk verplicht is, houden wij ook extra materieel en mensen achter de hand om in piekperioden en zeker ook in zware vorstperioden en bij sneeuwval de eilanden maximaal bereikbaar te houden. Wij investeren graag in de betrouwbaarheid van de dienstregeling. Wij voelen ons zeer verantwoordelijk voor het in stand houden van verbinding met de wal, ook onder barre weersomstandigheden! Dat is niet alleen een kwestie van goed organiseren en van goede backup-voorzieningen. Betrouwbaarheid is het gevolg van uitstekend onderhoud – en dat heeft natuurlijk ook zijn prijs.

Veilig de zee op met Doeksen

Geplaatst op 1 augustus 2012 09:17

Als op een stormachtige dag de trossen los gaan en de veerboot de Waddenzee opgaat, dan denkt u misschien wel eens: als er nu eens iets gebeurt? Zijn er wel voldoende hulpmiddelen? Weet de bemanning wel wat te doen?

Om u meteen gerust te stellen: ja, alle middelen voor EHBO, reanimatie (AED), om te blussen of om de veerboot snel en veilig te ontruimen, zijn voorhanden, zelfs in veel ruimere mate dan officieel verplicht is. En zeker, de bemanning is volledig voorbereid op elke mogelijke ‘situatie’ aan boord.

U bent bepaald niet de enige die hier wel eens over nadenkt. Bij Doeksen is het voorkomen van ongelukken zelfs dagelijks onderwerp van gesprek. Niet omdat de risico’s zo groot zouden zijn, integendeel: de kans dat er ooit een serieuze calamiteit plaatsvindt is zelfs uitermate klein. Maar vooral omdat wij vinden dat onze reizigers behalve een prettig verblijf aan boord optimale veiligheid mogen verwachten, elke overtocht weer. Dat doen wij door rekening te houden met talloze scenario’s en door onze medewerkers het hele jaar door serieuze en realistische trainingen te laten doen.

Ook kleinere ongelukjes
Daarbij denken wij doelbewust aan het ergste, Maar we denken ook aan de kleinere ongelukjes, die bij reizigers voor grote onrust kunnen zorgen. Als een passagier die aan boord een nare uitglijder maakt en lelijk valt. “Onze bemanning bestaat uit louter vaklieden, die weten wat ze te doen staan”, zegt Jaap Velds, hoofd P&O bij Doeksen.

Uitgebreid getraind
Doeksen-medewerkers – van de kapiteins en andere betrokkenen op de brug tot horecamedewerkers en collega’s aan de wal – worden meermalen per jaar uitgebreid getraind om allerlei problemen adequaat op te lossen. De lijst met cursussen en trainingen is lang: van trainingen op het gebied van Bedrijfshulpverlening en EHBO tot de meer specifieke trainingen: een bedrijf als Doeksen investeert royaal in de veiligheid van klanten en medewerkers. Naast trainingen bij de oefenlocatie van G4S doen alle varende medewerkers ook geregeld mee aan calamiteitentrainingen aan boord van hun schip , waarbij allerlei realistische scenario’s aan de orde komen

Ieder zijn taak
Jaap: “Deze training zorgt ervoor dat iedere medewerker zijn taak in het plan weet uit te voeren. De kapitein op de brug en elk bemanningslid op zijn eigen plaats, van het autodek tot in de horeca.” En wordt jaarlijks meerdere keren uitgebreid geoefend, zowel bij een gespecialiseerde calamiteitenbestrijder G4S in Oudehaske, als aan boord van onze schepen. Ook onze tijdelijke seizoenkrachten aan boord, krijgen bij G4S training in blussen, reanimatie en omgaan met mensen in stress situaties. Ook krijgen zij instructie aan boord door de kapitein of de stuurman, zodat zij weten waar zich de veiligheidsmiddelen bevinden.

Levensecht
Maar veiligheid is niet alleen een zaak van bemanningsleden. Mocht er zich iets aan boord voordoen, dan moeten medewerkers aan de wal weten welke hulpdiensten moeten worden ingeschakeld, hoe de hulpverlening moet worden gecoördineerd. Uiteraard oefent ook het management van Doeksen regelmatig op realistische wijze op deze situaties,. “We trainen levensecht en merken daarbij telkens weer dat goede communicatie naar passagiers, medewerkers en buitenwereld allesbepalend is voor de goede afloop van een incident.”

Velds: “We trainen voor zaken die we hopen nooit mee te maken. En dat doen we graag en met volle inzet, om de zekerheid te hebben dat we elke situatie aankunnen. Dat moet reizigers een goed gevoel geven als ze bij ons aan boord stappen:!”

Sterk en stabiel en gratis WiFi op de veerboten

Geplaatst op 25 juli 2012 09:15

Reistijd = werk- en studeertijd
Zoals we al vaker op deze plaats hebben gemeld, doen we bij Doeksen alles om onze reizigers een prettige overtocht te bezorgen. Bijvoorbeeld door de gemakken van thuis en kantoor aan boord te brengen, zoals verbinding met het internet! Nadat begin dit jaar op ms Friesland een succesvol verlopen proef plaats vond met een nieuwe WiFi-installatie, is dit ook op ms Vlieland geïmplementeerd en hierna ook op de sneldiensten. En natuurlijk heeft u ook toegang tot cyberspace vanuit onze terminals!

Concreet: Doeksen heeft een aantal jaren terug het, qua oppervlakte, grootste WiFi-netwerk van Nederland aangelegd! Dat netwerk ontstond door het plaatsen van masten op de terminals in Harlingen, Vlieland en Terschelling, plus nog een extra mast op de zeevaartschool, voor extra bereik. Bij massaal gebruik viel het bereik in de praktijk echter tegen. En dat was zuur voor reizigers die de veerboot als hun werkplek zien, die willen studeren of die ‘klaar zijn’ met het uitzicht op de schuimkoppen en de horizon en vertier zoeken op hun smartphone of tablet.
De recent geplaatste nieuwe WiFi-voorzieningen zijn nu méér dan adequaat, met dank aan de opbouwende kritiek van onze reizigers!

“Het was een hele toer om over de volle dertig kilometer water tussen Harlingen en de eilanden een goede bandbreedte te realiseren”, weet Rudy Herrema, ICT-beheerder bij Doeksen. Met externe ICT-experts heeft Rudy maanden gewerkt aan de ideale opstelling aan de wal en aan boord. “Aan de wal zijn extra zware zendinstallaties geplaatst. Het signaal wordt op de schepen opgevangen door 360 graden installaties die het signaal aan boord verspreiden. Dat is technisch gezien de grootste uitdaging gebleken: het signaal op varende objecten op de Waddenzee constant houden. Doordat we het serieus hebben aangepakt – het was al met al een serieuze investering – kunnen onze gasten zelfs op de drukste vaardagen in de zomer volop internetten. Drie-, vierhonderd gasten tegelijk op de WiFi? Geen probleem!”

De ‘truc’, zo legt Rudy uit, zit ‘m onder meer in het feit dat Doeksen een echte breedbandverbinding gebruikt. Dat is anders dan bijvoorbeeld de UMTS verbinding die de NS in haar treinen biedt. Een ander verschil met bijvoorbeeld Schiphol en andere partijen in het personenvervoer waar toegang slechts gratis is gedurende een uur: toegang tot internet is gratis van terminal tot terminal.

Daarbij hebben de ontwikkelaars en bouwers nog een extra foefje ingebouwd. Onderdeel van de faciliteiten aan boord van de veerboten is een proxy-server, die de meest geraadpleegde sites aan boord direct ‘lokaal’ opslaat. Wie dus aan boord bijvoorbeeld gaat naar nu.nl of de sites bezoekt van bekende landelijke en regionale kranten, heeft hierdoor een goede kans op extra snel toegang tot zijn gevraagde pagina’s!

Rudy Herrema kan tevreden zijn. “Ik ben er best trots op dat we bij Doeksen zo ver gaan in onze serviceverlening en dat wij daarbij echt een innovatieve oplossing hebben kunnen bouwen. De klanten zijn ingesteld op het hebben van internettoegang en willen ook tijdens de overtocht bezig zijn met Facebook, Twitter, LinkedIn, hun e-mail en hun games die internettoegang vereisen. Zo is de overtocht met Rederij Doeksen voor zakenmensen en studenten echt werktijd geworden. En voor ieder ander wordt de overtocht bij Doeksen gewoon een stukje leuker!”